Het gebied Weidse Veenweiden
Gebied Weidse Veenweiden |
||
|
|
Het gebied Weidse Veenweiden beslaat het grootste deel van het platteland van Utrecht-West. Het omvat de Utrechtse deelgebieden De Venen en de Utrechtse Waarden zoals die door de provincie Utrecht in het kaderdocument Agenda Vitaal Platteland zijn vastgesteld. Uitzonderingen hierop zijn de grenzen bij Abcoude en bij Harmelen. De gemeenten in het gebied zijn:
Het gebied heeft 101.877 inwoners en is 392 km2 groot. De bewonersdichtheid komt daarmee op 260. Het gebied kent een aantal kleine kernen en enkele grotere kernen zoals Woerden. Het landschap laat zich karakteriseren als veenweidegebied met daarin een aantal stroomruggen van rivieren die in oost-westrichting door het gebied liepen: de Oude Rijn, de Hollandsche IJssel, de Lek en de Amstel. Het huidige landschap bestaat uit cope-ontginningen, droogmakerijen en ontginningen op de stroomruggen. Grote plassen (Vinkeveense plassen) zijn ontstaan door ontvening (turfsteken). Enkele plassen werden in de 19e en 20e eeuw drooggemalen. Deze droogmakerijen hebben een sterk geometrisch patroon van wegen en waterlopen. Het gebied is relatief dunbevolkt, vergeleken met de omringende Randstad. Het areaal aan landbouw in de Weidse Veenweiden is erg groot, zeker in vergelijking met de grootte van de omzet van de landbouw in dit gebied. De melkveehouderij in De Venen kent wel grotere beperkingen vanwege de hoge waterstand die nodig is om het veen niet te laten inklinken (inzakken). De melkveehouderij is echter wel een cruciale factor om het zo gewaardeerde open veenweidelandschap te behouden. De sector is daarom nog steeds in ontwikkeling. Die ontwikkeling richt zich deels op het verbeteren van de bedrijfsvoering met als doel de concurrerende kracht te versterken. Ook in de Utrechtse Waarden ligt de nadruk op verder ontwikkeling van de landbouw. Behoud van het landelijk gebied gaat niet zonder vernieuwing. Een van de belangrijkste elementen in die vernieuwing zit in recreatie en toerisme. De Weidse Veenweiden is hiervoor heel aantrekkelijk, met name ook voor de bevolking uit de grote steden die om het gebied heen liggen. De agrarische sector kan op die - toenemende - vraag naar rust, ruimte en beleving inspelen en zichzelf daarmee economisch versterken. |